Aanspannen procedure tegen verzekeraar misbruik van procesrecht dan wel onrechtmatig?

12-04-2012

Een verzekeraar heeft een uitkering ter zake van schade ten gevolge van een brand in een café geweigerd. Volgens de verzekeraar is sprake van “merkelijke schuld” van verzekerde (het café), omdat de brand in opdracht van de enig bestuurder en aandeelhouder (hierna: betrokkene 1) van het café is gesticht. Draait verzekerde nu ook op voor de werkelijke proceskosten van de verzekeraar, op grond van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen?

 

Zowel in eerste aanleg als in hoger beroep wordt merkelijke schuld van verzekerde aangenomen en de vordering van verzekerde tot uitkering afgewezen. Zowel de rechtbank als het hof heeft geoordeeld dat als vaststaand kan worden aangenomen dat de brand is gesticht door een neef van betrokkene 1 die in het café werkte, en dat er voldoende aanwijzingen zijn om aan te nemen dat deze neef in opdracht van betrokkene 1 heeft gehandeld.

 

De verzekeraar heeft op haar beurt gevorderd dat verzekerde wordt veroordeeld tot betaling van de werkelijke kosten die de verzekeraar voor beide procedures heeft moeten maken. De verzekeraar heeft daartoe gesteld dat, nu de brand is gesticht in opdracht van betrokkene 1 en dat aan verzekerde kan worden toegerekend, verzekerde voor genoemde kosten aansprakelijk is uit wanprestatie of onrechtmatige daad. De vordering van de verzekeraar komt erop neer dat verzekerde de onderhavige procedure zonder grond tegen haar heeft aangespannen en daarom gehouden is alle door de verzekeraar in verband met deze procedure gemaakte kosten te vergoeden.

 

De vordering van de verzekeraar is door de rechtbank toegewezen, maar door het hof alsnog afgewezen. In cassatie klaagt de verzekeraar over deze beslissing van het hof. De Hoge Raad heeft beslist dat het oordeel van het hof geen blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting of onbegrijpelijk is.

 

De Hoge Raad bevestigt dat deze vordering alleen toewijsbaar is in geval van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen. Daarvan is pas sprake als het instellen van de vordering, gelet op de evidente ongegrondheid ervan, in verband met de betrokken belangen van de wederpartij achterwege had behoren te blijven. Hiervan kan eerst sprake zijn als eiser zijn vordering baseert op feiten en omstandigheden waarvan hij de onjuistheid kende dan wel behoorde te kennen of op stellingen waarvan hij op voorhand moest begrijpen dat deze geen kans van slagen hadden. Bij het aannemen van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen door het aanspannen van een procedure past terughoudendheid, gelet op het recht op toegang tot de rechter dat mede gewaarborgd wordt door art. 6 EVRM.

 

Aan het standpunt van de verzekeraar ligt de opvatting ten grondslag dat het enkele feit dat, naar het oordeel van rechtbank en hof, in dit geding in het kader van het bewijs van de door de verzekeraar gestelde merkelijke schuld voldoende aanwijzingen zijn gebleken om aan te nemen dat de brand is gesticht in opdracht van betrokkene 1, zonder meer meebrengt dat tevens moet worden aangenomen dat verzekerde, nu betrokkene 1 haar enig bestuurder en aandeelhouder was, voorafgaande aan de procedure wist dat de vordering was gebaseerd op feiten en omstandigheden die niet juist waren en dat reeds daarom sprake is van een onrechtmatig handelen van verzekerde  dat verplicht tot vergoeding van de integrale proceskosten van de verzekeraar. Deze opvatting is onjuist.

 

De omstandigheid dat, hoewel daarover geen zekerheid is verkregen, door rechtbank en hof voldoende bewezen is geacht dat de brand is gesticht in opdracht van betrokkene 1, brengt niet zonder meer mee dat ook de vereiste mate van zekerheid is verkregen over het gestelde misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen door het aanspannen van de onderhavige procedure, gelet op de hiervoor bedoelde terughoudendheid die in dat kader in acht dient te worden genomen. Dat geldt ook indien het handelen van betrokkene 1, anders dan het hof heeft geoordeeld, mede in dit verband kan worden toegerekend aan verzekerde.

 

Klik hier voor de volledige uitspraak.

 

Mr. Erik Luijendijk

e.luijendijk@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 845