ACM heeft ziekenhuisfusie terecht geblokkeerd

06-10-2016

De Rechtbank Rotterdam heeft op 29 september 2016 geoordeeld dat het besluit van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) om geen vergunning te verlenen voor de voorgenomen fusie tussen het Albert Schweitzerziekenhuis (ASZ) en de Rivas Zorggroep (Rivas) juist was.

 

Naar het oordeel van de rechtbank heeft ACM op basis van zorgvuldig verricht onderzoek kunnen concluderen dat de voorgenomen fusie de mededinging zal beperken, omdat de concurrentiedruk van omliggende ziekenhuizen onvoldoende is om eiseressen na de voorgenomen concentratie te kunnen disciplineren. Omdat ook de belangrijkste zorgverzekeraars onvoldoende mogelijkheden zien om het fusie ziekenhuis te disciplineren, heeft de ACM volgens de rechtbank kunnen concluderen dat eiseressen in staat moeten worden geacht om na de voorgenomen concentratie in significante mate hun prijzen te verhogen of de kwaliteit te verlagen.

 

Dat de vergunning volgens de rechtbank door ACM terecht is geweigerd, is in het licht van eerdere ziekenhuisfusies best opvallend. Bij eerdere ziekenhuisfusies (zie bericht) die eveneens een mededinging beperkend effect konden hebben, heeft de ACM alsnog vergunning verleend, omdat de ziekenhuizen hebben toegezegd zich te houden aan een door hen toegezegd tijdelijk prijsplafond (zgn. gedragsremedie). In dit geval heeft ACM een vergelijkbare gedragsremedie verworpen. De rechtbank oordeelt dat ACM dat in dit geval terecht heeft gedaan, omdat “deze remedie onvoldoende zekerheid biedt dat hiermee het geconstateerde mededingingsprobleem zonder twijfel en volledig zou worden weggenomen. De voorgenomen remedie zou ertoe leiden dat ACM eiseressen zou moeten reguleren wat betreft prijs en kwaliteit, terwijl vóór de fusie de markt zonder regulering goed functioneert. Daarbij komt dat niet goed valt in te schatten hoe lang de verwachte regulering door ACM zou moeten duren.”

 

Dat de aangeboden remedie in de eerdere gevallen wel passend was en in dit geval niet, is het gevolg van het feit dat de onderhavige vergunningsaanvraag niet vergelijkbaar is met de eerdere ziekenhuisfusies. Met name het gegeven dat de zorgverzekeraars in de andere situaties positiever waren over hun disciplineringsmogelijkheden van de fusieziekenhuizen, terwijl zij in dit geval onvoldoende mogelijkheden zien om het fusieziekenhuis te disciplineren, speelt hierbij een belangrijke rol.

 

Voor de uitspraak, klik hier.

 

Mr. Niels van den Burg

n.vandenburg@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 868