Belang van tijdige publicatie jaarrekening

15-10-2013

Afgelopen zomer heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan over een niet tijdige publicatie van de jaarrekening van een besloten vennootschap (HR 12 juli 2012 ECLI:NL:HR:2013:BZ7189), waardoor een wettelijk - maar weerlegbaar - vermoeden ontstaat dat onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement.

 

Het betrof een overschrijding van 28 dagen, die eigenlijk heel begrijpelijk was. Het bestuur van de vennootschap ging er vanuit, dat de accountant voor de publicatie zou zorgdragen, net zoals dat in de voorgaande jaren was gebeurd. Echter, het was anders geworden en het bestuur zelf deponeerde de jaarrekening 28 dagen te laat (28 februari 2005). Het probleem ontstond toen de vennootschap een halve maand later (17 maart 2005) failliet ging. De curator stelde de bestuurders hoofdelijk aansprakelijk voor het tekort in de boedel met kennelijk in gedachten, dat tot nu een overschrijding van de publicatietermijn van enkele dagen tot twee weken in de jurisprudentie als een onbelangrijk verzuim was aangemerkt.

 

De rechtbank wees de vordering af omdat de te late publicatie berustte op een misverstand met de accountant. Het Gerechtshof heeft de vordering van de curator in hoger beroep wel toegewezen, omdat het misverstand in de risicosfeer van het bestuur ligt en het bestuur zelf maatregelen had moeten treffen om de publicatieplicht te waarborgen. 

 

Bij de Hoge Raad voeren de bestuurders in cassatie aan dat de publicatie van de jaarrekening nauwelijks een belang diende omdat de vennootschap geen tot weinig activiteiten had. De Hoge Raad stelt dat het betrekkelijke belang bij de tijdige publicatie geen grond vormt om de niet tijdige publicatie als een onbelangrijk verzuim aan te merken. Voorts stelt de Hoge Raad dat beslissend is voor de vraag of van een onbelangrijk verzuim sprake is, of de door het bestuur aangevoerde omstandigheden een aanvaardbare verklaring opleveren voor de te late publicatie. De reeds geschetste omstandigheden van de risicosfeer van het bestuur en het feit dat men zelf maatregelen had kunnen treffen, zijn niet voldoende om van géén aanvaardbare verklaring te spreken. De zaak wordt daarvoor terugverwezen naar het Gerechtshof maar als het bestuur er niet in slaagt een aanvaardbare verklaring te geven voor een niet tijdige publicatie, dan is gewoon sprake van een onbehoorlijke taakvervulling en van een hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurders.

 

Dit arrest van de Hoge Raad onderstreept nog eens het belang van een tijdige publicatie van de jaarrekening. Ook een geringe overschrijding van de publicatietermijn, het betrekkelijke belang van de jaarrekening en een begrijpelijk misverstand kunnen dus leiden tot een persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder van de vennootschap.

 

Voor de volledige uitspraak klik hier.

 

Mr. Jim Kluyver

jr.kluyver@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 868