De eerste evaluatie van de Jeugdwet

16-02-2018

Op 30 januari jl. is de eerste evaluatie van de Jeugdwet aangeboden aan de ministeries van VWS, JenV en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.

 

De Jeugdwet trad op 1 januari 2015 in werking en bracht een aanzienlijke transformatie met zich, waarmee gemeenten bestuurlijk en financieel verantwoordelijk werden voor het jeugddomein. De onderzoekers constateren dat de transformatiedoelen van de Jeugdwet door zowel gemeenten als aanbieders breed worden gedragen. Tegelijkertijd constateren de onderzoekers dat de transformatie nog niet gereed is en dat een dergelijk grote verandering (meer) tijd kost.

Voor de evaluatie zijn de ontwikkelingen tot en met de zomer van 2017 meegenomen. Omdat de ontwikkeling van en implementatie van beleid naar aanleiding van de invoering van de Jeugdwet nog in volle gang is, geeft de evaluatie volgens de minister ‘echt een tussenstand’. De evaluatie bestaat uit vier deelstudies: een deelstudie naar de gevolgen van de Jeugdwet voor kinderen en ouders, een deelstudie naar de gemeenten als regisseurs van het jeugdbeleid, een deelstudie naar het zorglandschap en veiligheid en een juridische deelstudie.

Het beeld dat uit de deelstudies ontstaat is dat ouders over het algemeen positiever zijn over de ontvangen jeugdhulp dan over de weg er naartoe. Vooral kwetsbare gezinnen (die de hulp hard nodig hebben) hebben grote moeite de weg in de jeugdhulp te vinden. Volgens de onderzoekers is er op het moment van de evaluatie nog geen sprake van een verminderd beroep op gespecialiseerde hulp, zoals wel met de wet was beoogd. Ook is nog niet zichtbaar dat inmiddels op grote schaal wordt ingezet preventie.

Volgens de onderzoekers zijn gemeenten op de goede weg zijn met de transformatie van de jeugdhulp. De gemeenten die in het kader van de evaluatie hebben aangegeven dat zij hun zaken nog niet goed op orde hebben zijn in de minderheid. Wel komen veel gemeenten nog onvoldoende toe aan een goede verbinding met andere domeinen, zoals het onderwijs, schuldhulpverlening, de Wmo en bij de overgang naar volwassenheid.

Waar door gemeenten met name budgettaire krapte als knelpunt wordt genoemd, zijn dit voor aanbieders van jeugdhulp en jeugdprofessionals juist de zorgen over de kwaliteit van wijkteams, de regels rond aanbesteden en administratieve lasten. Daarnaast lukt het volgens de onderzoekers in het gedwongen kader nog onvoldoende om tijdig passende hulp te organiseren.

In de brief waarmee de minister van VWS de evaluatie aan de Tweede Kamer heeft aangeboden kondigt hij aan de uitkomsten van de evaluatie te bespreken in (bestuurlijk) overleg met cliënten, gemeenten en branches. De minister verwacht de Kamer in de loop van april 2018 te kunnen informeren over de conclusies die uit de evaluatie getrokken worden en het vervolg dat aan de evaluatie zal worden gegeven.

Klik hier voor het evaluatierapport en klik hier voor de Kamerbrief.

 

Mr. Sofie Steen

sm.steen@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 864