Een gordiaanse knoop: de kunst van het (schade-)schatten

06-11-2017

Soms moeten rechters antwoord geven op vragen die medici niet kunnen beantwoorden. Een praktijkvoorbeeld.

 

Een patiënte wordt door een arts-assistent neurologie op de Spoed Eisende Hulp onderzocht vanwege een acute hernia. Na onderzoek krijgt de patiënte pijnstilling en wordt zij per ambulance naar huis gebracht. De volgende dag wordt de patiënte opnieuw in het ziekenhuis gezien en wordt zij aansluitend geopereerd. De patiënte houdt na deze operatie ernstige restverschijnselen over waarvoor zij het ziekenhuis aansprakelijk stelt.

 

Het hof stelt vast dat het onderzoek door de arts-assistent bij de eerste presentatie op de Spoed Eisende Hulp niet adequaat was, waardoor een delay in de behandeling is ontstaan. Het hof benoemt een hoogleraar neurochirurgie als deskundige. Deze deskundige geeft aan dat er nooit vergelijkend onderzoek is verricht of een snelle operatie een beter resultaat geeft dan een wat latere operatie. De deskundige kan daarom de grootte van de kansen niet duiden.

Op basis van dit rapport komt het hof tot de uitspraak dat er geen causaal verband bestaat tussen de fout van de arts-assistent en de restverschijnselen bij de patiënte.

De vordering wordt afgewezen. De Hoge Raad is het daar niet mee eens.

 

De Hoge Raad overweegt dat uit het feit dat een deskundige een kans op een beter behandelresultaat niet in een percentage kan uitdrukken omdat naar de grootte van die kans geen (wetenschappelijk) onderzoek is gedaan, niet volgt dat die kans niet in een rechtens relevante omvang bestaat. Te meer, omdat de deskundige opmerkt dat volgens de destijds geldende richtlijn bij voorkeur zo snel mogelijk en dwingend binnen een dag zou moeten worden geopereerd. Het hof had volgens de Hoge Raad nader moeten onderzoeken of door het delay een redelijke kans op een betere uitkomst verloren is gegaan, en had – bij bevestigende beantwoording van die vraag – vervolgens tot een zo goed mogelijke schatting van deze kans moeten komen.

 

De les die uit dit arrest volgt is, dat wanneer een deskundige op basis van wetenschappelijk onderzoek de kans op een beter behandelresultaat niet (bijvoorbeeld in een percentage) kan duiden, dat de rechter er niet van ontslaat om zelf te onderzoeken of door een delay een reële kans op een betere uitkomst verloren is gegaan. Daartoe het hof de deskundige op een zitting nader kunnen bevragen om deze inschatting zo goed mogelijk te kunnen maken. Uiteindelijk is het oordeel aan de rechter en niet aan de deskundige.

 

Mr. Oswald Nunes

ol.nunes@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 871