Hoge Raad: maatstaf aansprakelijkheid gevolmachtigde; gehandeld in persoon of als bestuurder?

15-09-2014

Op 5 september 2014 (ECLI:NL:HR:2014:2628) heeft de Hoge Raad het normkader voor de aansprakelijkheid van een gevolmachtigde jegens zijn volmachtgever verduidelijkt. De hoedanigheid van de gevolmachtigde - in persoon of als bestuurder van een vennootschap - is bepalend voor de maatstaf aan de hand waarvan de vraag of een gevolmachtigde door zijn handelen aansprakelijk is voor schade van zijn volmachtgever, dient te worden beantwoord. De Hoge Raad grijpt dit arrest tevens aan om het Spaanse villa-arrest te verhelderen.

 

Maatstaf hoedanigheid gevolmachtigde

De Hoge Raad stelt voorop dat de vraag in welke hoedanigheid een gevolmachtigde heeft gehandeld, dient te worden beantwoord aan de hand van hetgeen de betrokkenen – verweerder en eiseres – jegens elkaar hebben verklaard en over en weer uit elkaars verklaringen en gedragingen hebben afgeleid en mochten afleiden (vgl. HR 11 maart 1977, ECLI:NL:HR:1977:AC1877, NJ 1977/521; Kribbenbijter-arrest). De vraag op welke wijze de gevolmachtigde zich tegenover derden heeft gepresenteerd is volgens de Hoge Raad vooral van belang voor de vraag naar gebondenheid jegens die derden en is in de relatie tussen volmachtgever en gevolmachtigde wat betreft een tekortkoming c.q. onrechtmatig handelen van de gevolmachtigde hooguit van zijdelingse betekenis.

 

Maatstaf aansprakelijkheid gevolmachtigde als bestuurder

De Hoge Raad verduidelijkt dat indien een vennootschap tekortschiet in de nakoming van een verbintenis of een onrechtmatige daad pleegt, uitgangspunt is dat alleen de vennootschap aansprakelijk is voor daaruit voortvloeiende schade. Onder bijzondere omstandigheden is evenwel, naast aansprakelijkheid van die vennootschap, ook ruimte voor aansprakelijkheid van een bestuurder van de vennootschap. Voor het aannemen van zodanige aansprakelijkheid is vereist dat die bestuurder ter zake van de benadeling persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Aldus gelden voor het aannemen van aansprakelijkheid van een bestuurder naast de vennootschap hogere eisen dan in het algemeen het geval is. Een hoge drempel voor aansprakelijkheid van een bestuurder tegenover een derde wordt gerechtvaardigd door de omstandigheid dat ten opzichte van de wederpartij primair sprake is van handelingen van de vennootschap en door het maatschappelijk belang dat wordt voorkomen dat bestuurders hun handelen in onwenselijke mate door defensieve overwegingen laten bepalen (vgl. HR 20 juni 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC4959, NJ 2009/21).

 

Maatstaf aansprakelijkheid gevolmachtigde handelend in persoon

Bestuurdersaansprakelijkheid is volgens de Hoge Raad niet aan de orde in een geval als zich voordeed in het arrest HR 23 november 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX5881, NJ 2013/302 (Spaanse Villa). Dat arrest had niet betrekking op het handelen van de betrokkene bij zijn taakvervulling als bestuurder van een vennootschap, maar op de vraag of de betrokkene, optredend als deskundig bemiddelaar (dienstverlener), had gehandeld in strijd met een op hem in die hoedanigheid van deskundig bemiddelaar rustende zorgvuldigheidsnorm. Dit sluit volgens de Hoge Raad overigens niet uit dat de onrechtmatige gedragingen van de betrokkene in voorkomend geval in het maatschappelijk verkeer tevens kunnen worden aangemerkt als gedragingen van de vennootschap waarvan hij bestuurder is, met als gevolg dat (ook) de vennootschap uit eigen hoofde op grond van onrechtmatige daad aansprakelijk kan worden gehouden (vgl. ook HR 6 april 1979, ECLI:NL:HR:1979:AH8595, NJ 1980/34).

 

Oordeel Hoge Raad

In de zaak die aan het onderhavige arrest ten grondslag ligt, oordeelt de Hoge Raad enerzijds dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de gevolmachtigde niet in persoon maar als bestuurder had gehandeld, maar anderzijds dat het hof in het midden heeft gelaten of de gevolmachtigde een voldoende ernstig verwijt gemaakt kan worden om hem persoonlijk aansprakelijk te houden als bestuurder. Volgens de Hoge Raad moet er veronderstellenderwijs van worden uitgegaan dat de gevolmachtigde een persoonlijk en ernstig verwijt kan worden gemaakt omdat hij in strijd met de hem door de volmachtgever gegeven instructie heeft bewerkstelligd dat de door de koper betaalde koopprijs werd overgemaakt naar de bankrekening van een (in financieel zwaar weer verkerende) vennootschap van de gevolmachtigde zelf in plaats van rechtstreeks naar de bankrekening van zijn volmachtgever. De Hoge Raad vernietigt de uitspraak van het Hof Den Haag en verwijst de zaak naar het Hof Amsterdam.

 

Klik hier voor het arrest van de Hoge Raad.

 

Mr. Jim Kluyver

jr.kluyver@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 868