Recht op voortzetting van planbare zorg in het weekend?

09-02-2016

Aan de zorginstelling staat het in beginsel vrij om te bepalen op welke dagen planbare zorg wordt verleend. Tenzij om medische redenen in het kader van goed zorgverlenerschap de (planbare) zorg op een bepaalde dag en/of tijdstip dient te worden verleend.

 

In een recente uitspraak van de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Gelderland was de vraag aan de orde of aanspraak kon worden gemaakt op onverkorte continuering van een behandeling, die twee patiënten iedere twee weken diende te ondergaan, in het weekend. De instelling had aangegeven dat behandeling in het vervolg doordeweeks zou moeten gaan plaatsvinden. Redengevend daarvoor was, zo gaf de instelling aan, dat de interne organisatie niet op planbare zorg in het weekend is toegerust en feitelijk is ingericht voor spoedpatiënten en reeds opgenomen patiënten, waarvoor alle aandacht van de ingeroosterde medewerkers was vereist.

 

De instelling mag deze redenen bij het bepalen wanneer planbare zorg wordt verleend van de Voorzieningenrechter mee laten wegen. De Voorzieningenrechter overweegt daarbij dat van een zorginstelling wel een zorgvuldige afweging van haar eigen belangen tegenover de belangen van de patiënt mag worden verwacht. In onderhavige kwestie was dat belang van een (van) de (twee) patiënten –kort gezegd- gelegen in het zonder verzuim kunnen volgen van een opleiding en de wens om door de leerwerkgever (die niet op de hoogte was) louter beoordeeld te kunnen worden op prestaties.

 

Hoewel de Voorzieningenrechter begrip heeft voor dit belang van de patiënt, oordeelt de Voorzieningenrechter dat een en ander er in het onderhavige geval niet toe kan leiden dat de behandeling in het weekend tot aan het einde van de opleiding van de patiënt of zelfs langer zou moeten worden voortgezet. Daarbij nam de Voorzieningenrechter overigens mede in overweging dat de zorginstelling had aangegeven dat de behandeling op doordeweekse dagen ook deels in de avonduren zou kunnen plaatsvinden, hetgeen slechts tot een halve dag verzuim in de twee weken zou hoeven te leiden.

 

De Voorzieningenrechter acht wel reden voor het bepalen van een (overgangs)termijn waarbinnen de tweewekelijkse behandeling in het weekend nog dient te blijven worden uitgevoerd.

 

Voor de hele uitspraak, klik hier.

 

Mr. Mascha Bots

mef.bots@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 816