Totstandkoming vaststellingsovereenkomst?

29-01-2014

In een deelgeschilprocedure moest de Rechtbank Limburg recentelijk beslissen of tussen een verzekeraar en een benadeelde een vaststellingsovereenkomst tot stand was gekomen.

 

In 2006 vond een ongeval plaats waarbij eiser werd aangereden door een auto. De bestuurder van de auto was verzekerd bij Reaal Verzekeringen (hierna: de verzekeraar).

 

De verzekeraar heeft aansprakelijkheid erkend en partijen hebben vervolgens meermaals overleg gevoerd om tot een schaderegeling te komen. Dit heeft er onder meer toe geleid dat de verzekeraar enkele malen een concept-vaststellingsovereenkomst, zijnde een aanbod, aan (de advocaat van) eiser heeft gezonden. Hoewel (de advocaat van) eiser nimmer een ondertekend exemplaar aan de verzekeraar heeft teruggezonden, stelt de verzekeraar dat de vaststellingsovereenkomst desalniettemin door aanbod en aanvaarding tot stand is gekomen. De verzekeraar voert aan dat de aanvaarding van het aanbod zou blijken uit de omstandigheden.

 

De Rechtbank Limburg stelt voorop:

“dat het sluiten van een vaststellingsovereenkomst vormvrij is en dat, nu gesteld noch gebleken is dat daarover tussen partijen een andere afspraak is gemaakt, aan het enkele niet ondertekenen van de concept-vaststellingsovereenkomst door [eiser] geen zelfstandige betekenis toekomt. Aanvaarding van het aanbod kan immers ook zijn geschied door een niet schriftelijke uitdrukkelijke of stilzwijgende verklaring die ook in een gedraging besloten kan liggen. Het ontbreken van de handtekening betekent wel dat het op de weg ligt van Reaal, die zich op het bestaan van de overeenkomst beroept, om feiten en omstandigheden aan te voeren waaruit kan worden geconcludeerd dat de overeenkomst tot stand is gekomen althans dat [eiser] gehouden kan worden aan de inhoud van de niet getekende concept-vaststellingsovereenkomst.”

 

De verzekeraar voerde aan dat de aanvaarding onder meer zou blijken uit een ontvangen brief (gelet op de gekozen bewoordingen), het verzoek van eiser de concept-overeenkomst nogmaals toe te sturen en de handelwijze van de advocaat van eiser.

 

De rechtbank volgt de verzekeraar echter niet en oordeelt dat uit geen van de aangevoerde omstandigheden is op te maken dat een vaststellingsovereenkomst tot stand is gekomen.

 

Klik hier voor de uitspraak.

 

Mr. August de Hoogh

anl.dehoogh@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 862