Verstrekken medische gegevens bij ruzie over de erfenis

06-11-2017

Het komt in de praktijk geregeld voor dat nabestaanden ruzie maken over de nalatenschap van de overledene. Zo ook in de hier besproken kwestie.

 

Moeder had kort voor haar overlijden over haar nalatenschap beschikt door uitsluitend één zoon tot enige erfgenaam te benoemen. De andere twee zoons waren het hiermee (vanzelfsprekend) niet eens.

 

De twee broers hebben een procedure gestart tegen hun andere broer om vastgesteld te krijgen dat de uiterste wil van moeder was verricht onder invloed van een geestelijke stoornis. Er was immers sprake van een zich geleidelijk ontwikkelend dementeringsproces bij moeder. De rechtbank benoemde uiteindelijk een deskundige die moest beoordelen of moeder ten tijde van het opmaken van het testament nog wilsbekwaam was. Daarvoor was wel het medisch dossier van moeder noodzakelijk dat door haar huisarts was vervaardigd. Vanwege de geheimhoudingsplicht werd de afgifte en/of inzage  geweigerd. Reden waarom de broers een kortgedingprocedure startten.

 

De voorzieningenrechter overwoog terecht dat de hulpverlener ervoor zorgt dient te dragen dat aan anderen dan de patiënt geen informatie wordt verstrekt zonder de toestemming van de patiënt. Dat geldt evenzo nadat de patiënt is overleden en hier mag niet lichtvaardig mee worden omgesprongen.

Het komt echter voor dat een zodanig zwaarwegend belang verlangd dat het beroepsgeheim toch moet worden doorbroken. Naar vaste rechtspraak wordt een dergelijk zwaarwegend belang aangenomen indien sprake is van een recente wijziging van het testament waardoor betrokkenen zijn onterfd en er concrete aanwijzingen zijn om te vermoeden dat de erflater ten tijde van de wijziging van het testament wilsonbekwaam was.

 

Omdat er in dit geval voldoende aanwijzingen waren dat moeder wilsonbekwaam was, overwoog de voorzieningenrechter dat de geheimhoudingsplicht moest worden doorbroken. Terecht is daarbij wel opgemerkt dat de inbreuk op het beroepsgeheim niet verder mag gaan dan het gevorderde belang rechtvaardigt. Zo mag de door de rechtbank benoemde deskundige de medische gegevens alleen vermelden en bespreken, en dus niet in zijn rapport bijvoegen. Dit alles in overeenstemming met de KNMG-Richtlijn “Omgaan met medische gegevens”.

 

Mocht u als hulpverlener met zo een verzoek van nabestaanden worden geconfronteerd, dan is het van belang dat u bekend bent met uw rechten en plichten. Vanzelfsprekend kunt u in dat geval contact met ons opnemen.

 

Mr. August de Hoogh

anl.dehoogh@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 862