HomeEen Richtlijn als wet van Meden en Perzen?

Een Richtlijn als wet van Meden en Perzen?

image description

Regionaal Tuchtcollege Eindhoven 28 december 2020

ECLI:NL:TGZREIN:2020:84

Een huisarts, verbonden aan een verpleeghuis, behandelt een bejaarde patiënte met slaapproblemen. De huisarts schrijft vanwege de ernst van de slapeloosheid in afwijking van de NHG-standaard Slaapproblemen en slaapmiddelen uit 2014 en het Farmacotherapeutisch Kompas midazolam (met een ultra korte halfwaardetijd) voor, niet in de voor ouderen geadviseerde dosering van 7,5 mg maar in een dosering van

15 mg. De patiënte wisselt later van huisarts en komt ruim een halfjaar daarna te overlijden. De nabestaanden van de patiënte dienen een klacht in en stellen (onder veel meer) dat de huisarts ten onrechte is afgeweken van de NHG-standaard en het Farmacotherapeutisch Kompas.

Het tuchtcollege (RTG) overweegt dat een NHG-standaard en het Farmacotherapeutisch Kompas de arts een richtlijn bieden die in beginsel in acht moet worden genomen, maar waarvan soms kan – en in bepaalde gevallen moet – worden afgeweken. Daarbij heeft als maatstaf te gelden dat aan een patiënt de zorg behoort te worden verleend, die in de omstandigheden van het geval van een redelijk bekwaam arts mag worden verlangd. Deze maatstaf brengt enerzijds mee dat een afwijking van de richtlijn door een arts moet kunnen worden beargumenteerd, maar anderzijds dat het volgen van een richtlijn niet zonder meer meebrengt dat de arts juist heeft gehandeld. Het enkele afwijken van een richtlijn op zichzelf bezien is aldus onvoldoende voor een geslaagd tuchtrechtelijk verwijt.

De huisarts heeft bij het RTG inzicht gegeven in zijn overwegingen om midazolam in de dosering van 15 mg aan deze patiënte voor te schrijven. Ofschoon volgens het RTG de keuze voor een ander geneesmiddel of een andere dosering wellicht meer voor de hand had gelegen, kan niet worden gezegd dat de huisarts niet die zorg aan de patiënte heeft verleend die van een redelijk bekwaam huisarts mag worden verwacht. Hierbij neemt het RTG in aanmerking dat de huisarts bij het voorschrijven een weloverwogen en te beargumenteren keuze heeft gemaakt en daarbij een zekere voorzichtigheid heeft betracht door het medicijn nog niet in toscho (sic) te verstrekken maar dat eerst uit te proberen. De klacht wordt als ongegrond afgewezen.

Deze uitspraak bevestigt, dat adviezen die zijn opgenomen in standaarden, protocollen of richtlijnen aangeven wat in het algemeen als goed medisch handelen bij een gemiddelde patiënt wordt gezien. Een protocol volgen is echter niet per definitie hetzelfde als goede zorg verlenen. Bij iedere patiënt zal zorg op maat moeten worden verleend waarbij een richtlijn, protocol of standaard vaak wel maar soms ook niet gevolgd kan worden. Afwijken van een richtlijn, protocol of standaard is mogelijk mits dat goed gemotiveerd (en gedocumenteerd!) wordt. Indien de overweging om een protocol, richtlijn of standaard in een specifiek geval niet te volgen goed kan worden toegelicht – waarbij adequate voorlichting aan de patiënt en het verkrijgen van informed consent ook van essentieel belang is – kan dat het tuchtcollege tot het oordeel brengen dat binnen de grenzen van een redelijk bekwame beroepsuitoefening is gehandeld.

P.S.      Wetten van Meden en Perzen (ca. 5e eeuw voor Christus) waren naar verluidt onherroepelijk, met als doel koninklijke willekeur uit te sluiten en de bevolking rechtszekerheid te bieden. Zelfs de koning had niet de mogelijkheid de wet, in individuele gevallen, niet van toepassing te verklaren of buiten werking te stellen.

Nieuwsbrief

Altijd up to date?

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Schrijf je in!
  • Wanneer je op aanmelden drukt ga je akkoord met ons Privacy Statement.