Spoeddienst en naar het zwembad? Check vooraf de bereikbaarheid!

06-07-2018

Het kan een tandarts tuchtrechtelijk worden verweten als hij bij de aanvang van de spoeddienst zijn telefonische bereikbaarheid niet controleert.

 

Een twee jaar oud jongetje is in de avond van 17 mei 2017 tegen een glijbaan gevallen. Het jongetje bloedde hierdoor hevig, was één voortand verloren en de andere voortand was verschoven. Zijn vader, klager, heeft toen direct het nummer van de voor spoedeisende gevallen dienstdoende tandarts gebeld. Na vijf vergeefse pogingen is klager met zijn zoontje naar de huisartsenpost gegaan. Daar kreeg hij, nadat zijn zoon was onderzocht het advies zo spoedig mogelijk naar de tandarts te gaan. Vervolgens heeft klager nog acht keer, tevergeefs, geprobeerd om telefonisch contact te krijgen met de dienstdoende tandarts. Klager kreeg steeds een automatische antwoordtekst te horen, inhoudende dat de gebruiker op dat moment geen berichten kon ontvangen. Klager verwijt de dienstdoende tandarts dat deze niet heeft voldaan aan zijn plicht om als dienstdoende tandarts voor spoedeisende gevallen bereikbaar te zijn.

 

De dienstdoende tandarts verklaart dat technisch gezien het betreffende systeem zo is ingericht dat het algemene nummer voor spoedeisende hulp automatisch doorverbindt met het nummer van de praktijk van diegene die op dat moment verantwoordelijk is voor spoedeisende hulp. Op die betreffende avond was dat het nummer van de praktijk van de dienstdoende tandarts. Dat nummer verwijst weer automatisch door naar het mobieltje dat door de dienstdoende tandarts van de praktijk wordt meegenomen.

 

De dienstdoende tandarts heeft op die betreffende avond het mobieltje meegenomen toen hij zijn dochter van zwemles ophaalde. Voordat de dienst begon en voordat hij zijn dochter van zwemles ophaalde, heeft de dienstdoende tandarts niet gecontroleerd of de automatische doorschakelingen functioneerde. Toen hij uit het zwembad kwam heeft de dienstdoende tandarts wel direct het mobieltje gecheckt; er waren geen gemiste oproepen. Uit controle achteraf blijkt dat bij de praktijk wel oproepen zijn ontvangen. Er is geen technische verklaring voor het feit dat deze oproepen vervolgens niet op het door de dienstdoende tandarts meegenomen mobieltje zijn ontvangen.

 

Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (RTG) acht het niet telefonisch bereikbaar zijn tijdens de spoeddienst tuchtrechtelijk verwijtbaar en legt de tandarts een waarschuwing op.

 

Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (CTG) kan zich geheel vinden in de overwegingen van het RTG en voegt daaraan toe dat niet kan worden vastgesteld of er sprake was van een technische storing. Dat speelt bij de beoordeling door het CTG dan ook niet mee. De bereikbaarheid had tevoren door de dienstdoende tandarts moeten worden gecheckt. Zeker omdat er niet vaak spoedgevallen zijn, wat juist maakt dat een niet functionerende bereikbaarheid langer onopgemerkt kan blijven. De waarschuwing wordt in stand gelaten.

De les die uit deze uitspraak volgt is, dat voorafgaand aan de spoeddienst de telefonische bereikbaarheid gecontroleerd moet worden. Een goed begin is het halve werk.

 

De uitspraak van het CTG treft u hier aan.

 

Mr. Oswald Nunes

ol.nunes@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 866