Home Verplicht intern toezicht in de jeugdzorg

Verplicht intern toezicht in de jeugdzorg

Verplichtingen bestuursstructuur

Op 1 januari 2026 is de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg in werking getreden. Deze wet verplicht gecertificeerde instellingen en bepaalde jeugdhulpaanbieders om te beschikken over een onafhankelijke interne toezichthouder.

Deze verplichting is neergelegd in een nieuwe paragraaf in de Jeugdwet (§ 4.4 Bestuursstructuur, art. 4.4.1). Daarnaast zijn in het Besluit Jeugdwet nadere eisen omtrent intern toezicht opgenomen (in § 4.0.a, art. 4.0.a1 t/m 4.0.a5).

Voor wie geldt de verplichting tot het instellen van een interne toezichthouder?

Of een jeugdhulpaanbieder verplicht is tot het instellen van intern toezicht, hangt af van het aantal jeugdhulpverleners dat de jeugdhulp verleent.

De verplichting om te beschikken over een interne toezichthouder geldt voor:

  • jeugdhulpaanbieders die met meer dan tien jeugdhulpverleners jeugdhulp met verblijf (doen) verlenen
  • jeugdhulpaanbieders die met meer dan vijfentwintig jeugdhulpverleners jeugdhulp (doen) verlenen
  • gecertificeerde instellingen

De verplichtingen voor intern toezicht gelden niet voor gemeenten en jeugdhulpaanbieders die uitsluitend jeugdhulp leveren die bestaat uit het vervoer van een jeugdige (art. 4.0.a1 Besluit Jeugdwet).

De term interne toezichthouder wordt breed opgevat. De benaming van het toezichthoudend orgaan is daarbij niet bepalend. Een raad van commissarissen of een raad van toezicht kunnen gelden als onafhankelijke interne toezichthouder als bedoeld in de Jeugdwet, maar ook andere voren zijn mogelijk.

Welke eisen worden gesteld aan de onafhankelijke interne toezichthouder?

Aan het interne toezicht worden in de Jeugdwet en het Besluit Jeugdwet onder meer de volgende eisen gesteld:

  • Het interne toezicht bestaat uit minimaal drie natuurlijke personen.
  • Een persoon wordt voor ten hoogste vier jaar aangesteld als lid van de interne toezichthouder. Deze periode kan eenmaal met ten hoogste vier jaar worden verlengd. Het is niet toegestaan dat dezelfde persoon in totaal langer dan acht jaar intern toezichthouder is
  • Een persoon maakt niet tegelijk deel uit van de interne toezichthouder en de dagelijkse of algemene leiding van een jeugdhulpaanbieder of gecertificeerde instelling.
  • Bevorderd moet worden dat ten minste één van de leden van de interne toezichthouder:
    • een persoon is aan wie jeugdhulp is verleend dan wel ten aanzien van wie een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering is uitgevoerd;
    • de ouder is van een persoon aan wie jeugdhulp is verleend dan wel ten aanzien van wie een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering is uitgevoerd; of
    • werkzaam is of is geweest als jeugdarts, jeugdhulpverlener of medewerker van een gecertificeerde instelling;
  • De interne toezichthouder moet zodanig samengesteld zijn dat de leden ten opzichte van elkaar, de dagelijkse of algemene leiding van de jeugdhulpaanbieder of gecertificeerde instelling en welk deelbelang dan ook onafhankelijk en kritisch kunnen opereren.
  • Op inzichtelijke wijze moet de verantwoordelijkheidsverdeling tussen de interne toezichthouder en de dagelijkse of algemene leiding worden vastgelegd, alsmede de wijze waarop interne conflicten tussen de interne toezichthouder en de dagelijkse of algemene leiding worden geregeld.

Hoe dient de toepassing van de vereisten te worden vastgelegd?

Jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen dienen schriftelijk vast te leggen op welke wijze zij voldoen aan de eisen die in de Jeugdwet en het Besluit Jeugdwet aan de bestuursstructuur worden gesteld.

In de Regeling Jeugdwet is bepaald dat gecertificeerde instellingen en jeugdhulpaanbieders die een rechtspersoon zijn dit in de statuten vastlegt. Een jeugdhulpaanbieder die geen rechtspersoon is ligt dit anderszins schriftelijk vast.

Wat te doen bij een toename van jeugdhulpverleners?

Jeugdhulpaanbieders dienen uiterlijk zes maanden nadat het aantal jeugdhulpverleners naar tien is gegaan te voldoen aan de eisen die worden gesteld omtrent de bestuursstructuur. De IGJ zal toezien op de verplichtingen tot het (tijdig) aanstellen van een interne toezichthouder.

Welke eisen gelden er voor jeugdhulpaanbieders die ook zorg verlenen op basis van de Zorgverzekeringswet of Wet langdurige zorg?

Combi-instellingen zijn instellingen die zowel op basis van de Jeugdwet, als zorg zoals bedoeld in de Wmg (waaronder Zvw- en Wlz-zorg), verlenen. Voor zorgaanbieders die Wmg-zorg verlenen, gelden op grond van de Wtza eisen voor intern toezicht.

Voor de verplichting tot het beschikken over een interne toezichthouder geldt voor de combi-instellingen dat zij moeten voldoen aan zowel de Wtza als de Jeugdwet. Indien de jeugdhulpaanbieder reeds op grond van de Wtza over een interne toezichthouder beschikt, dan moeten ook aan de aanvullende eisen uit de Jeugdwet worden voldaan.

Hierbij geldt dat om te bepalen of de jeugdhulpaanbieder over intern toezicht moet beschikken (en er dus sprake is van meer dan tien jeugdhulpverleners), het aantal zorgverleners en jeugdhulpverleners dat jeugdhulp of zorg verleent of doet verlenen, bij elkaar moeten worden opgeteld. Er hoeft dus niet te worden vastgesteld of de individuele hulpverlener werkt op grond van de Jeugdwet of enkel op grond van de Zvw of Wlz. Dit brengt met zich dat sneller sprake zal zijn van een verplichting om een interne toezichthouder te hebben.


Nieuwsbrief

Altijd up to date?

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Schrijf je in!

Scroll naar boven