HomeDe regiebehandelaar q.q. bij de tuchtrechter

De regiebehandelaar q.q. bij de tuchtrechter

image description

Regionaal Tuchtcollege Zwolle, 8 augustus 2022

ECLIL:NL:TGZRZWO:2022:111

De klaagster in deze zaak loopt na een val een gebroken ruggenwervel op. Zij wordt in verband met een mogelijke operatie op 14 december naar het ziekenhuis verwezen. De aangeklaagde chirurg had op de dag van presentatie dienst en was voor de verdere duur van de behandeling hoofdbehandelaar. Tevens was de chirurg supervisor voor de dienstdoende arts-assistenten. Na opname wordt gekozen voor een conservatief beleid met mobilisatie in plaats van een operatie. Een voorgenomen ontslag op 9 december wordt vanwege toename van pijn en uitstraling niet geëffectueerd. Radiologisch onderzoek laat uitpuiling zien van de wervelfractuur met een absolute kanaalstenose suggestief voor beklemming van de cauda equina. Klaagster wordt op 21 december geopereerd.

Volgens klaagster is onvoldoende onderzoek verricht en zijn haar neurologische klachten van het begin af aan niet onderkend en is ten onrechte te lang een conservatief beleid gevoerd. Het RTG overweegt hieromtrent dat er tot 19 december geen uitvalsverschijnselen, uitstraling of tintelingen zijn waargenomen die tot een ander beleid hadden moeten leiden. Dit werd anders op 19 december, waarna herbeoordeling plaatsvond en een operatie-indicatie werd gesteld. Het conservatieve beleid als zodanig was gerechtvaardigd, aldus het RTG.

Voorts stelt klaagster dat zij geen informed consent voor het conservatieve beleid heeft gegeven en dat de verslaglegging in het medische dossier onvoldoende is. Hieromtrent overweegt het RTG dat uit de summiere aantekeningen in het medisch dossier niet kan worden afgeleid wie met klaagster heeft gesproken en wat er tijdens het gesprek is gezegd, of dat aan klaagster het beleid is uitgelegd, wat de afwegingen waren en of klaagster het daarmee eens was. Bij gebrek aan andere objectieve bronnen moet het ervoor worden gehouden dat een dergelijk gesprek gericht op instemming (“informed consent”) niet heeft plaatsgevonden. Het bereiken van “geïnformeerde toestemming” is een wezenlijk recht van een patiënt. Het betreft hier gezondheidsrechtelijk gezien dan ook een belangrijke omissie. Nu de chirurg supervisor was op de dag van het gesprek en ook als hoofdbehandelaar was aan te merken, kan hem daarvan een verwijt worden gemaakt. Verder stelt het College dat bepaalde informatie in dossier lijkt te onderbreken, zoals een aantekening van een multidisciplinaire traumabespreking. Dat het ziekenhuis rond die tijd overging op een nieuw elektronisch patiëntendossier neemt niet weg dat de klacht over onzorgvuldige dossiervoering gegrond is. De uitkomst is, dat de chirurg als regiebehandelaar voor de beide gegrond verklaarde klachtonderdelen de maatregelen van een waarschuwing krijgt opgelegd.

Met de uitspraak van het CTG van 29 januari 2021 ECLI:NL:TGZCTG:2021:36 is het begrip ‘regiebehandelaar’ als vervanging van het begrip ‘hoofdbehandelaar’ geïntroduceerd. De regiebehandelaar ziet er volgens het CTG op toe dat:

  • de continuïteit en de samenhang van de zorgverlening aan de patiënt wordt bewaakt en dat waar nodig een aanpassing van de gezamenlijke behandeling in gang wordt gezet;
  • er een adequate informatie-uitwisseling en voldoende overleg plaatsvindt tussen de bij de behandeling van de patiënt betrokken zorgverleners;
  • er één aanspreekpunt is voor de patiënt en diens naaste betrekking(en) voor het tijdig beantwoorden van vragen over de behandeling. Dit hoeft niet de regiebehandelaar zelf te zijn. De regiebehandelaar hoeft niet alle vragen te beantwoorden, maar moet wel de weg naar de antwoorden weten te vinden.

Het regiebehandelaarschap is een hoedanigheid geworden die tuchtrechtelijk toetsbaar is. De tuchtrechter verwacht ook dat aan die hoedanigheid invulling wordt gegeven en dat een regiebehandelaar zich wat betreft voornoemde punten kan verantwoorden. Het is derhalve van belang om binnen een zorgorganisatie goede afspraken over het regiebehandelaarschap te maken en vast te leggen. Duidelijkheid vooraf bij de patiënt èn de zorgverleners kan problemen achteraf bij de tuchtrechter voorkomen.

Nieuwsbrief

Altijd up to date?

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Schrijf je in!
  • Wanneer je op aanmelden drukt ga je akkoord met ons Privacy Statement.