Maatstaf opzeggen huurovereenkomst bedrijfsruimte bij renovatie en niet-kostendekkende exploitatie

18-02-2014

De Hoge Raad heeft op 14 februari 2014 geoordeeld dat in geval van verhuur van bedrijfsruimte, waarvan de noodzaak van renovatie tussen partijen niet ter discussie staat, niet van de verhuurder kan worden gevergd dat hij een huurovereenkomst voortzet die na renovatie leidt tot een niet-kostendekkende exploitatie. De verhuurder kan de huurovereenkomst dan opzeggen wegens dringend eigen gebruik.

 

De Hoge Raad overweegt dat de maatstaf voor de opzegging van de verhuur van woonruimte uit zijn Herenhuisarrest (HR 26 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL0683) niet opgaat in geval van bedrijfsruimte. In geval van renovatie van woonruimte geldt dat een beroep op dringend eigen gebruik niet te snel mag worden gehonoreerd, gelet op het gewicht dat toekomt aan de door het huurrecht beoogde bescherming van de huurder van woonruimte. Alsdan geldt de strengere maatstaf dat sprake dient te zjin van een structurele wanverhouding tussen de exploitatiekosten en de huuropbrengsten. Bij de bescherming van de huurder van bedrijfsruimte gaat het echter om een bescherming van een recht van (fundamenteel) andere aard, waarbij met name bedrijfseconomische belangen van de huurder en de verhuurder een rol spelen.

 

Klik hier voor de volledige uitspraak (Hoge Raad, 14 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:338)

 

Mr. Niels van den Burg

n.vandenburg@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 868