Het mag niet, het mag nooit

28-06-2017

Een psychiater heeft tijdens de behandelperiode een affectieve/seksuele relatie met een patiƫnte. Dat is tuchtrechtelijk verwijtbaar. Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg legt de psychiater een voorwaardelijke schorsing voor de duur van drie maanden op.

 

Seksueel contact en seksuele verbale intimiteiten horen niet in de arts-patiëntrelatie thuis, zo stelt de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG). Een patiënt bevindt zich ten opzichte van een arts in een afhankelijke positie. Door een affectieve relatie aan te gaan wordt deze afhankelijkheid groter. In de praktijk dienen daarom de gedragsregels voor artsen alsmede de KNMG-richtlijn ‘Seksueel contact tussen arts-patiënt: het mag niet, het mag nooit’ nageleefd te worden. Wanneer een arts en patiënt affectieve gevoelens voor elkaar krijgen, dient de hulpverleningsrelatie op correcte wijze beëindigd te worden, met aansluitend een afkoelingsperiode waarin geen contact is tussen de arts en de patiënt. Dat is ook de les die uit deze recente uitspraak geleerd kan worden.

 

In deze zaak heeft de psychiater door grensoverschrijdende gedragingen naar het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (RTC) in strijd gehandeld met de gedragsregels en de KNMG-richtlijn, waarmee hij tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Het RTC legt de psychiater een voorwaardelijke schorsing voor de duur van drie maanden op.

 

De patiënte die de psychiater aanklaagde was gedurende drie periodes in behandeling bij de psychiater. Tijdens de derde behandelperiode is het karakter van de contacten tussen de patiënte en de psychiater intiem en lichamelijk geworden. De patiënte en de psychiater stuurden elkaar sms-berichten met intieme en seksueel getinte lading. Ook is sprake geweest van seksueel lichamelijke contacten en handtastelijkheden, onder meer bij onaangekondigde huisbezoeken van de psychiater aan de patiënte.

 

De patiënte verwijt de psychiater zich tegen haar zin in op grensoverschrijdende wijze te hebben gedragen door seksuele en seksueel getinte contacten met haar te hebben, terwijl sprake was van een behandelrelatie.

 

De klacht wordt gegrond verklaard. Naar het oordeel van het RTC valt het de psychiater ernstig te verwijten dat de grensoverschrijdende gedragingen tijdens of direct aansluitend aan de professionele relatie plaatsvonden. De psychiater heeft onvoldoende regie gevoerd en nagelaten om de behandelrelatie met de patiënte op een duidelijke wijze af te sluiten, zo oordeelt het RTC. Het RTC geeft aan dat de psychiater op nonchalante wijze de psychiatrische behandelrelatie heeft laten vertroebelen en vrijwel naadloos heeft laten overgaan in meer coachende en persoonlijke gesprekken (zonder duidelijk psychiatrisch karakter en bijbehorend behandelplan), terwijl die contacten uiteindelijk grensoverschrijdend zijn geworden.

 

Het RTC geeft duidelijk aan dat de psychiater anders had moeten handelen: hij had de behandelrelatie moeten beëindigen en een afkoelingsperiode in acht moeten nemen zonder dat hij en de patiënte contact met elkaar hadden. Dat de patiënte hoogopgeleid is, doet daar niet aan af.

 

Mr. ChiChi de Haan

cim.dehaan@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 812