Illegaal gekopieerd softwareprogramma – de vrees van iedere werkgever

01-09-2016

Deze zomer heeft de Rechtbank Rotterdam een uitspraak gedaan in een ICT-kwestie, waarin een ‘handige’ medewerker gebruik had gemaakt van een illegaal gekopieerd softwareprogramma. De gevolgen daarvan voor de werkgever kwamen in deze zaak in volle omvang aan de orde.

 

Eén van de medewerkers had buiten medeweten van de werkgever illegaal software gekopieerd via het internet. Het betrof CAD-software (Computer Aided Design) van Siemens voor 3D-modellering, waarvoor de werkgever al een licentie had voor zeven werkplekken. Aangezien het programma een beveiligingsproces kent, waardoor gebruik van illegale kopieën gesignaleerd wordt, werd bekend dat bij de werkgever een illegale kopie op een bepaalde computer was ingezet. Kort daarna is door Siemens bewijsbeslag gelegd op een laptop met die software en werd een vordering tot onmiddellijke staking van het illegale gebruik ingesteld. Ook werd schade gevorderd ten belope van € 80.000,= en werden de bestaande licentieovereenkomsten direct opgezegd zonder restitutie van reeds betaalde licenties. De werkgever moest uitwijken naar een ander programma en nieuwe licenties aanschaffen.

 

De werkgever verweerde zich met de stelling, dat zij niet op de hoogte was van de illegale kopie en ook niet kon voorkomen dat een medewerker gemakkelijk van het internet te downloaden software op één van haar computers had gezet. Voorts bestond er geen functioneel verband met de werkzaamheden van de medewerker, omdat hijzelf het programma niet nodig had voor die werkzaamheden.

 

De rechtbank oordeelde echter, dat op de werkgever een risico-aansprakelijkheid rust. Aan de werknemer waren bepaalde rechten verleend om gratis applicaties te downloaden voor het programmeren van complexe machines en daardoor kreeg de werknemer tevens de mogelijkheid het softwareprogramma op de laptop te plaatsen.

Een functioneel verband bestond volgens de rechtbank wel degelijk, omdat andere werknemers wel legaal gebruikmaakten van hetzelfde programma. Ook is de illegale kopie in werktijd gebruikt op een laptop van de werkgever.

Ten slotte oordeelde de rechtbank dat de werkgever de bevoegdheid heeft om haar werknemers te verbieden illegale software te kopiëren. Echter, het is volgens de rechtbank niet relevant of de werknemers gevolg geven aan een dergelijk verbod vanwege de risico-aansprakelijkheid ex artikel 6:170 BW van de werkgever. Het handelen van de medewerker wordt aan de werkgever toegerekend.

 

Over deze risico-aansprakelijkheid is door de Hoge Raad in 2007 en in 2009 uitgemaakt (zie HR 9 november 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7557 en HR 9 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ6020), dat de werkgever aansprakelijk is voor de schade veroorzaakt door een fout van een ondergeschikte als de kans op de fout door de opdracht tot het verrichten van zijn taak is vergroot en de werkgever zeggenschap heeft over de gedragingen waarin de fout is gelegen. Voorts moet aan de hand van alle omstandigheden worden onderzocht of tussen de fout van de ondergeschikte en diens opgedragen taak een zodanig verband bestaat dat de werkgever voor de daardoor veroorzaakte schade aansprakelijk is.

 

Voor de schadeberekening komt de rechtbank op het beduidend lagere bedrag van € 19.000,= dan door Siemens was gevorderd. Wel moet de werkgever een forse proceskostenveroordeling van € 11.000,= betalen, omdat het een auteursrechtelijke inbreukprocedure betreft en de bijzondere proceskostenregeling van artikel 1019 Rv van toepassing is.

 

Voor het vonnis van de rechtbank Rotterdam, klik hier.

 

Mr. Jim Kluyver

jr.kluyver@kbsadvocaten.nl

Tel. (030) 21 22 868