Home De klant is koning, mits deze zich koninklijk gedraagt

Oswald Nunes

Tuchtrecht
/

De klant is koning, mits deze zich koninklijk gedraagt

Hoe ver gaat het recht op vernietiging van medische gegevens?

Een patiënte is opgenomen geweest op de PAAZ-afdeling van een kliniek. De eindverantwoordelijke psychiater-supervisor meldt de patiënte per brief aan voor een FACT-team (= Flexible Assertive Community Treatment). In deze brief vermeldt de psychiater bij de DSM-IV classificatie als hoofddiagnose ‘autistische stoornis’. De patiënte meldt de psychiater dat er in de brief een verkeerde diagnose staat en vraagt om diagnose autistische stoornis uit haar medisch dossier te verwijderen. De psychiater laat weten dat het ondoenlijk is om dit te corrigeren omdat de diagnose op veel plekken in het dossier is beschreven. De psychiater biedt aan om ofwel een verklaring aan het dossier toe te voegen ofwel om het hele psychiatrische dossier te vernietigen. De patiënte neemt hier geen genoegen mee en stapt naar de tuchtrechter.

Het tuchtcollege stelt voorop dat een hulpverlener verplicht is na een daartoe strekkend (schriftelijk) verzoek van de patiënt (binnen 3 maanden) de gegevens uit het medisch dossier te vernietigen (art. 7:455 BW). Het recht tot vernietiging gaat evenwel niet zo ver dat een patiënt ook het recht zou hebben om bepaalde woorden of passages uit dossierstukken te laten verwijderen. Uit de wettelijke definitie van het begrip ‘dossier’ blijkt dat het gaat om een verzameling van medische gegevens over de verlening van de zorg aan de patiënt. Nergens uit blijkt dat de wetgever bij het geven van het recht op vernietiging gedacht heeft aan het recht op het schrappen van woorden, zinsneden of begrippen uit in het dossier opgenomen stukken. Het enkel verwijderen van bepaalde woorden kan de begrijpelijkheid van het medisch dossier aantasten. Het verzoek van de patiënte behoefde dus niet te worden gehonoreerd. De klacht tegen de psychiater wordt ongegrond verklaard.

Deze uitspraak laat zien, dat niet elk verzoek tot vernietiging van medische gegevens behoeft te worden ingewilligd. Het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat een dergelijk verzoek kan worden geweigerd als de bewaring van aanmerkelijk belang is voor een ander dan de patiënt en als de wet zich tegen vernietiging verzet. Denk bij het eerste aan klacht of claim van de patiënt tegen de hulpverlener zelf en in het tweede geval aan bijvoorbeeld de Arbowet. Ook kan een dergelijk verzoek worden geweigerd als het gaat om cruciale informatie en vernietiging goed hulpverlenerschap belemmert. Tenslotte kan vernietiging worden geweigerd als de WGBO (artikel 7:455 BW) niet rechtstreeks van toepassing is, zoals bij keuringen van een patiënt in opdracht van een derde. De tuchtrechter voegt daar nu jurisprudentieel nog een categorie aan toe: wanneer selectieve vernietiging (hier: het verwijderen van een diagnose) afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van het medisch dossier mag een dergelijk verzoek worden geweigerd.

Hier geldt dus zeker niet altijd: de patiënt vraagt en de hulpverlener draait.

Nieuwsbrief

Altijd up to date?

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Schrijf je in!

Scroll naar boven